MIJN LEVEN IS SPRUITJES



Enkele weken geleden. Avond. Mijn man en ik zitten op de bank. We kijken een serie. Boven ligt onze baby voldaan te slapen. We hebben nog een uur en dan moeten wij ook naar bed: morgen is de kleine alweer om half zes op.
“Ik denk dat ik een midlifecrisis heb”, mompel ik.
Mijn man grijpt de afstandsbediening. Het beeld bevriest. “Wat?”
“Oei,” prevel ik verontschuldigend, “laat maar spelen, hoor. Zo belangrijk is het niet.”
“Tuurlijk wel”, werpt hij tegen. “Je zei dat je een mídlifecrisis hebt!”
“Goh, ik voel me al een hele tijd oud en ik heb het gevoel dat mijn leven voorbij is. Ook al weet ik dat het niet zo is.”
Mijn man zwijgt.
“Niet dat ik nu een motor ga kopen of het met jonge kerels ga aanleggen.” Ik probeer een lachje.
“Dat dacht ik nu ook niet”, zegt hij ernstig.
“Ik zit gewoon in de knoop met mezelf. Het waait wel over. Zet maar weer op. Straks moeten we gaan slapen.”
Mijn man kijkt me onderzoekend aan, ziet dat ik het meen en laat dan The morning show verder spelen. Iets later trekt hij me tegen zich aan en fluistert: “Je bent niet oud.” Die zin raakt mijn verdriet.
Vandaag. Middag. Mijn zoon en ik zitten op de houten vloer van de woonkamer. Ik bouw blokkentorens, hij gooit ze om. Op de bank zit mijn man te tokkelen op zijn smartphone.
“Ik denk dat ik die midlifecrisis heb opgelost”, zeg ik. Hij kijkt op.
“Niet dat het gevoel over is”, verduidelijk ik. “Maar ik weet waar het vandaan komt.”
Onze baby kirt, gaat rechtstaan, boort zijn gezichtje in mijn hals. Ik omhels hem. Mijn man kijkt me nog steeds aan. “Vanwaar dan?”, wil hij weten.
Ik zoek naar de juiste woorden. “Door moeder te worden ben ik veel dichter bij mezelf gekomen”, begin ik. Hij knikt. Ik vertel dat ik ontdekt heb dat ik, in tegenstelling tot wat ik dacht, nog vaak leefde volgens andermans normen en waarden. Dat ik de dingen deed omdat ik het zo geleerd had als kind. Dat ik geregeerd werd door voorkeuren en gewoontes die ik meekreeg van familieleden. Of door angst. Of door deadlines op het werk. Dat ik ooit in bepaalde rollen ben gerold en daarin ben blijven hangen. “Ik wérd geleefd”, concludeer ik. De blik van mijn man verklapt dat hij het begrijpt.
“Stom voorbeeld”, ga ik verder, met onze baby in mijn armen. “Vroeger maakte ik spruitjes klaar zoals mijn grootmoeder en moeder dat deden. Ik dacht er niet bij na. Vanmiddag heb ik ze voor het eerst bereid zoals ik dat zelf wilde. Daar ben ik zévenendertig voor moeten worden. En zo is het nu met alles, snap je? Mijn leven is spruitjes.” Ook die zin raakt mijn verdriet. “Haast alles trek ik in twijfel. Ik weet niet meer waar ik voor sta, wat aangeleerd is of zelfs opgedrongen. Wat ik wérkelijk wil. Er zijn maar een paar zaken waarvan ik zeker ben: jou, ons kind.” Dat kind stopt gillend een puzzelstuk tussen mijn tenen. “Het leven zoals ik het kende is voorbij. Maar ik leef nog. Dus er zal wellicht iets nieuws voor in de plaats komen? Iets wat energie geeft.”
“Daar ben ik zeker van”, zegt mijn man.
Ik kijk hem vragend aan. “En waarschijnlijk is het best oké om het een tijdje allemaal niet te weten …”
“Volgens mij” zegt hij peinzend, “wordt alles mettertijd vanzelf duidelijk. Ondertussen hoef je alleen maar te leven.” We glimlachen naar elkaar en ik denk aan een citaat van Rumi: “Als je je op weg begeeft, verschijnt het pad.”
(Deze column verscheen in Het Nieuwsblad Magazine en werd geschreven voor de coronacrisis ons bereikte)

Reacties

Populaire posts van deze blog

17 BRUIKBARE EN ONBRUIKBARE TIPS VOOR MENSEN DIE HET MOEILIJK VINDEN OM THUIS TE BLIJVEN IN TIJDEN VAN CORONA (van iemand die al vele jaren in afzondering doorbracht)

OMGAAN MET HOOGSENSITIVITEIT

JE MOET LIEF ZIJN WANT JE BENT HOOGSENSITIEF