zondag 11 oktober 2015

SEKSUEEL BEVRIJD

‘Vroeger was ik een beest’,  grijnst hij vanachter zijn bloederige steak. ‘Was het vrijdagavond, dan moest  er geneukt worden. Ik sms’te alle vrouwen die ik wel zag zitten of ze iets wilden gaan drinken.’ 
Hij neemt een hap,  kauwt, spoelt het vlees door met een slok dure, fluwelige wijn. Zijn ogen, van hetzelfde petroleumblauw als zijn trui, zoeken ondeugend mijn blik.
‘Meestal reageerden er meteen een stuk of vijf. Zat mijn favoriet ertussen?  Geen probleem. Maar anders twijfelde ik: kiezen is verliezen.”
Ik grijns terug. Het losbandige leven waartoe ik niet in staat blijk, heeft me altijd geboeid. Zelf ben ik zo trouw als een hond: ik verdiep me graag grondig in één man en vind seks zo veel intenser als er liefde in het spel is. Al wil dat niet zeggen dat ik niet kan genieten van andermans sappig avontuur.  


‘Wie koos je dan?’ vraag ik en nip van mijn glas.
Even zwijgt hij. Dan klinkt het zacht, haast schuldbewust:’ Meestal probeerde ik met een drietal vrouwen af te spreken: om de beurt, zonder dat ze het van elkaar wisten.’
Ik schater. ‘Jij bent me er eentje!’
‘Niet meer!’, lacht hij terug. ‘Och, het was zo vermoeiend…  Soms denk ik met heimwee terug  aan die vrijheid: zo veel mooie vrouwen en geen enkele belemmering. Maar dan herinner ik me weer hoe oppervlakkig het was. Hoe jachtig. Eigenlijk was ik totaal onvrij: ik was de slaaf van mijn libido.’

Ik neem een hap pasta en knik begripvol, stiekem een tikkeltje opgelucht. Hoe fascinerend ik andermans onstuimige verhalen ook kan vinden, keer op keer vrees ik dat er aan de oorzaak wel eens problemen liggen die niet zo sexy zijn. Voorbeelden genoeg. Mannen die de slechte band met hun moeder op zo veel mogelijk vrouwen willen wreken. Vrouwen die de erkenning van hun vader zoeken tussen de lakens van al dan niet zo nobele onbekenden. Mensen die bij anderen de bevestiging zoeken die ze zichzelf niet geven. Of op de vlucht zijn voor dieper contact, voor pijn of confrontatie, en daardoor ook de ontroering moeten missen.  Schijnbaar seksueel bevrijd wurmen ze zich in de gekste standjes, eigenlijk liggen ze vooral met zichzelf in de knoop.

Maar daarover zwijg ik, voor het geval mijn tafelheer misschien in één van die categorieën valt. Ik ken hem van vroeger, uit het mediawereldje, waar we elkaar soms op feestjes tegen het lijf liepen. Intussen is hij getrouwd, heeft hij thuis een peuter rondlopen, staat hij aan het hoofd van een bedrijf. En macht erotiseert: de vrouwen bieden zich nog steeds massaal aan hem aan. ‘Ze zeggen dat de mens niet gemaakt is om monogaam te zijn’, poneer ik, zogenaamd ruimdenkend. Het is het favoriete excuus van veel mannen, waarop ik normaal gesproken – en tot hun grote ergernis-  antwoord dat een mens meer is dan biologie alleen en ook nog een zelfstandige geest heeft. ‘Misschien’, mompelt hij en schenkt onze glazen bij. ‘Maar mijn vrouw is écht mijn grote liefde. Ik zou het plezier van een veilige haven aan iedereen willen aanraden. Je maakt keuzes die je grenzen opleggen maar daarin schuilt uiteindelijk een grotere vrijheid. Je hoeft niet meer op jacht. Je hoeft je niet meer te bewijzen. Je kunt je vrouw steeds beter leren kennen en omgekeerd.’

Dat doet mij denken aan wat mijn ex me ooit zei: monogamie is geen opoffering voor een ander, het is een cadeau aan jezelf.
‘Exact’, zegt mijn tafelgenoot. ‘Maar dat zou ik ook tegen jou gezegd hebben, toen ik nog een beest was en alles zei wat mooie vrouwen graag  willen horen.’ Met het gesteven servet dept hij de jus van zijn kin.
Zijn ogen fonkelen.


(Column verschenen in de Vlaamse editie van Psychologies Magazine, september 2015)

Geen opmerkingen:

Een reactie posten