zaterdag 7 maart 2015

Wat drijft een man als J. de Witte?

In de aanloop naar Wereldvrouwendag dook er een vrouwonvriendelijke kerel op...

WAT DRIJFT EEN MAN ALS 'JOZEF DE WITTE'?

Zondag is het internationale vrouwendag en vandaag wordt er in Brussel al een Wereldvrouwenmars gehouden, met als motto ‘Women on the March Until we are all free’. Ik vrees dat we dan nog een hele tijd mogen stappen, maar het blijft een nobel streven. En gezien Wereldvrouwen...dag in het teken staat van solidariteit tussen vrouwen - op andere dagen zetten we elkaar pootje lap uit jaloezie op elkaars handtas- beleef ook ik plotse, hevige buien van solidariteit. In zo’n bui viel mijn oog op een artikel van het online magazine Charlie, waarin schrijfster Lara Taveirne haar beklag doet over ene gemene Jozef de Witte van De Morgen.

AFKRAKEN TEGEN BETALING
Jozef de Witte is het pseudoniem van een anonieme schrijver die eerder Vlaamse uitdrukkingen gebruikt - zoals ‘spijtig’ in plaats van ‘jammer’ – maar een Nederlander zegt te zijn. En terwijl de echte Jozef De Witte, directeur van het Interfederaal Gelijkekansencentrum, zich inzet tegen discriminatie bij dienstenchequebedrijven, heeft deze de Witte een rubriek waarin hij met leesbaar plezier – u hoort hem haast smakken van genot- de debuten van Vlaamse auteurs verguist. Dat de inhoud hem niet kan bekoren, tot daar aan toe. Maar toen de roman van Lara Taveirne aan de beurt was, besloot hij zich op haar, volgens hem véél te sexy auteursfoto af te reageren. Wat me even deed vermoeden dat Jozef de Witte de schuilnaam is van een zure mannin, die uit afgunst een stuk van haar vulpen beet toen ze de snoet van Lara zag (het was tenslotte nog geen vrouwendag). Ware het niet dat de Witte zich in datzelfde artikel verwondert over vrouwen die tegelijk menstrueren. Een fenomeen dat de meeste vrouwen kennen. Dat doen wij nu eenmaal automatisch als we elkaar vaak zien – tenzij de pil de boel regelt. Het is een soort solidariteit die, in tegenstelling tot die van vrouwendag, wel zo’n twaalf keer per jaar de kop kan opsteken. Wie dat niet weet, heeft geen eierstokken. J. de Witte is dus vast een kerel. Eén die het werk van vrouwen beoordeelt op basis van hun uiterlijk. En eén die z’n krant voorstelde om af te kraken tegen betaling – of hij daarvoor betaald wordt of zelf betaalt, laat ik in het midden. Of een kerel die dat aanbod van de redactie kreeg en meteen als een uitzinnige aap op zijn stoel begon te wippen, roepend van ‘ja, joepie, afkraken’. Waarop hij toch benauwd vroeg:’ ‘Anoniem, hé, want ik wil niet dat Kris Van Steenberge of Griet Op de Beeck woedend hun behoefte in mijn brievenbus deponeren.’

TRAGISCH SUJET
Plotse, hevige gevoelens van solidariteit doen wat met een vrouw. Even dacht ik dat ik in naam van Lara en lotgenoten, revanche moest nemen. Uit het grote-auto-klein-piemeltje-principe viel vast iets over grote bekken te puren. Ook werd gesuggereerd dat deze Jozef eigenlijk Marnix Peeters heet en dus kon ik beweren dat ik op diens kale hoofd reeds het begin van een urinebuis had ontwaard. Maar dan zou ik me verlagen tot het niveau van de Witte. Er zat dus niks anders op dan ervoor te zorgen dat hij ons niet meer kan raken omdat
wij hem vergéven. Dat lukt als we Jozef begrijpen: natuurlijk is het eigenlijk de schuld van z'n ouders. Z'n vader was allicht een eikel die hem voortdurend bekritiseerde, waardoor Jozef als kind al vreselijk onzeker werd. Daarom zocht hij erkenning bij z'n moeder, wat dat rotwijf hem niet gaf, waardoor hij niet van zichzelf leerde houden. Een pijn die hem nu tot wraak drijft. Zij het vanachter het veilige schild der anonimiteit. Want écht voor zichzelf opkomen, durft Jozef niet. Diep van binnen blijft hij immers vrezen dat z’n vader gelijk had en hij een talentloze zak is die nooit écht goede boeken zal schrijven – een vloek die hij de debutanten in zijn rubriek ook toewenst. En natuurlijk gelooft hij dat alle vrouwen hem in de steek zullen laten, net als z’n moeder. Maar ondertussen blijven ze wel verdomd aantrekkelijk, met hun sexy gedoe op achterflappen. Wat een marteling! En na negen weken loopt de rubriek ten einde en moet Jozef de Witte zijn gal weer tegen z’n opgezette kanarie spuwen. Arme, arme kerel!
Ach, één ding pakken ze hem niet af. Al die nieuwsgierige vrouwen die zich afvragen welk tragisch sujet er achter z’n alias schuilgaat. Hoelang we ook marcheren, van die vraag zullen wij, vrouwen, ons nimmer kunnen bevrijden.

(Verschenen in Het Nieuwsblad, 06/03/2015)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen